Sarcasme of toch cynisme?

Cynisme of toch sarcasme

Hoe zit dat nou met sarcasme en autisme?

Meestal begrijp ik sarcasme en cynisme wel en soms vind ik grapjes met deze stijlfiguren zelfs leuk.

Met enige regelmaat ga ik naar een cabaret voorstelling, naar Lenette van dongen bijvoorbeeld. Ik kan dan probleemloos alle grappen volgen, ook de grappen die niet voor de hand liggen. Omdat ik weet dat het grapjes zijn, daar hoef ik bij cabaret niet over te twijfelen.

In real life… hap ik vaak als er een grap wordt gemaakt, als mensen iets hilarisch vertellen ga ik daar serieus op in, soms ben ik super makkelijk in de maling te nemen, dat weet ik. Niet altijd overigens, er zijn situatie die ik heus wel door heb. Toch overkomt het mij regelmatig. Als ik dan ’s avonds in mijn bed lig en alles als een film laat afspelen weet ik haarscherp dat ik beet ben genomen en dan voel ik me beroerd.

Ik ga serieus op grappen in

Gelukkig heb ik privé en op mijn werk mensen dichtbij me staan die me waarschuwen, die zeggen dat het niet serieus is en ik niet overal op moet reageren. Dat helpt mij enorm, alleen zou ik het niet kunnen.

1308_begrijpend-communiceren-empathie

Het zijn toch ook grappen die ik met de regelmaat van de klok zelf maak

Sommige sarcastische grappen begrijp ik heel goed. Zo goed dat ik ze zelf maak. Ironie, sarcasme en cynisme zijn me, theoretisch, volkomen helder en ik kan goede voorbeelden bedenken. Gevraagd of ongevraagd. Met de regelmaat van de klok. Toch, van een ander verwacht ik geen cynisme of sarcasme. Soms wel. Meestal niet. Dat niet kunnen inschatten wanneer ik iets niet kan inschatten is eigenlijk meer het probleem.

Wat belangrijk is om te weten: mensen maken over het algemeen dit soort grapjes tegen mensen die ze leuk vinden. Wanneer je vaak last hebt van het niet kunnen lezen of begrijpen van de toon van de ander, is het handig wanneer mensen concreet communiceren. Enkele tips daarvoor:
communicatie-tips

Hoe ga je ermee om wanneer anderen sarcasme of cynisme (tegen je) gebruiken?

Er zijn pakweg drie keuzes:

  1. Negeren (wanneer je er niet van houdt, ik houd er wel van)
  2. Meedoen met de grapjes, en voor lief nemen dat je af en toe de plank volkomen mis slaat
  3. Spiegelen. Dat vind ik leuk om te doen. Dan zeg je het omgekeerde van wat gebruikelijk is, en horen mensen hoe gek dat klinkt.

Voorbeelden van spiegelende opmerkingen (en hoor hoe vreemd ze klinken) die je kan gebruiken bij autisme. Wees er wel voorzichtig mee, want spiegelen heeft ergens een negatieve ondertoon, en die zou je zomaar terug kunnen krijgen. Dat is een risico!

“Ik vind het niet zo erg dat je normaal bent, maar je kan je toch proberen aan te passen?”

“Het is niet zo erg dat je normaal bent, daar groei je wel overheen.”

“Normaal, jij? Maar je lijkt helemaal niet op Bassie en Adriaan…”

“Ben jij normaal? Dat kan toch niet, ik bedoel, je bent zo leuk!”

Nou ja, leef je uit!

Filed under: