Meltdowns

meltdown bij autisme

Iedereen ervaart meltdowns

Volgens mij is dat soort van menselijk. Alleen autisten hebben het vaker en heviger. Daarom zijn meltdowns bij autisme iets waar je serieus rekening mee moet houden.

Een meltdown is niets meer dan het over de kop gaan van je zenuwstelsel, en zoals het plaatje onderaan laat zien, gebeurt dat door tussenkomst van de Amygdala. Bij een meltdown is er sprake van een vechten-, vluchten- of verstarren-reactie. Alle drie kunnen ze voorkomen, in vele variaties.

Zelf heb ik last van drie soorten meltdowns:

  1. een driftbui (die vind ik zelf het ergste, daarna ben ik helemaal leeg, en ik schaam mij, en voel me schuldig, en weet me geen raad, etc)
  2. een huilbui (daarna ben ik ook helemaal leeg, maar een huilbui kan ik handelen)
  3. Verstarren. Dit overkomt mij zelden. Verstarren is niet meer kunnen praten, niet meer kunnen bewegen, verstenen, in jezelf keren.

  4. Dit is geen meltdown, ondanks dat ik hier het meest last van heb bij overprikkeling: dagen achter elkaar indringende kloppende hoofdpijn.

Driftbuien

Mijn driftbuien kan ik redelijk goed voorspellen. En toelaten, nu ik weet wanneer ze komen, en ze niet meer als een verrassing komen voor mij of mijn omgeving. Ik had eerst gezegd aan anderen wanneer ze komen. En daardoor kwamen ze niet meer.

Mijn driftbuien vind ik zelf het meest beangstigend. Omdat ik een hekel heb aan mensen die ineens agressief gedrag vertonen. Ik heb daar hele slechte herinneringen aan. Dat is altijd mijn grootste angst geweest, dat ik zulke driftbuien zou krijgen. Een diepgewortelde angst. Maar om de één of andere reden ben ik wel altijd in control, ook tijdens mijn driftbuien. Ik kan niet zo goed loslaten, of mezelf laten gaan. Ik heb nog nooit dingen kapot gegooid of zoiets, op één of andere manier blokkeer ik dan gewoon. Dat is wel mijn zegen. Eigenlijk.

Daarnaast kan ik wel plotseling uitvallen, als iemand langdurig over mijn grenzen gaat, bijvoorbeeld als één van de kinderen eindeloos doorzeurt. Voorheen zou ik dan uiteindelijk flippen, ik kan helemaal niet tegen dit soort gedrag. Ik heb geleerd hoe ik in een eerder stadium al kan voelen en aangeven dat ze een grens overgaan. Zodat ik niet onverwacht uitval. En zodat ik minder vaak uitval tegen de kinderen. Niet dat ik vaak uitval, het onverwachte maakt het eng voor ze.

Huilbuien

Mijn huilbuien vind ik niet zo erg. Op een bepaalde manier. Binnenshuis heb ik driftbuien en buitenshuis heb ik huilbuien. Vraag me niet hoe dat kan, heeft met controle te maken waarschijnlijk (bij mij heeft alles met controle en loslaten te maken, dus dat is simpel).

Op mijn werk dus… en best regelmatig. Het nadeel van huilbuien (of van situaties buitenshuis) is dat ze minder goed voorspelbaar zijn. Mijn hormooncyclus heeft er invloed op. In mijn vruchtbare periode huil ik veel makkelijker, de andere dagen bijna niet. Ik ben dan veel gevoeliger en eerder overprikkeld, blijkbaar. Daarnaast zijn er veel meer onvoorspelbare gebeurtenissen.

Bijvoorbeeld eens had een collega een deel van mijn werk gedaan, zonder dit met mij te overleggen. En volkomen onnodig, naar mijn mening. Hij is zo’n mannetje, een strebertje, dat graag over andermans ruggen wil scoren (waarschijnlijk is hij dat trouwens helemaal niet, en is dit zo’n typisch voorbeeld van dat ik iemand niet in kan schatten en het om teleurstelling te voorkomen alvast extreem negatief invul). Ik kan er niet tegen wanneer ik niet alles onder controle heb. En ik zag deze niet aankomen. Dus ik moest huilen. Tegenwoordig zeg ik er bij dat dat is omdat ik overprikkeld ben. Of eigenlijk zei ik helemaal niets, want ik kon niets meer zeggen. Ik ben weggelopen, bij mijn leidinggevende binnen gestapt (die zich waarschijnlijk afvroeg wat er gaande was), het duurde vijf minuten voordat ik iets kon zeggen. En tóen zei ik dat ik overprikkeld was. En waarom.

Dat is wel een puntje. Omdat ik dit soort dingen op mijn werk heb, belemmert mij dat om hoger op te komen. In die zin heb ik er heeeeeel veeeeeeel last van. De andere kant is dat ik er niet zo mee zit. Volgens mij heeft de hele wereld mij weleens zien huilen, ik vind huilen niet zo erg, denk ik. En het lucht op. Daarna ben ik ook op, moet ik even douchen en bijslapen.

Volgens Temple Grandin is het mogelijk om de vorm van je meltdown te beïnvloeden. Dat je geen driftbuien meer hebt, alleen nog huilbuien. Het voordeel daarvan is dat wanneer iemand huilt, anderen geneigd zijn om te troosten. Terwijl als iemand boos wordt, worden anderen nog bozer, en kom je in een negatieve spiraal terecht. Het is goed om te begrijpen, en aan je omgeving te laten weten, dat je woede-uitbarsting of je huilbui het gevolg is van overprikkeling, en niet gerelateerd aan de ander. Daarmee haal je van tevoren een hoop kou uit de lucht. Je voorkomt op die manier problemen en conflicten met mensen, waar je niets aan kan doen (en leg dat maar eens achteraf uit…).

meltdown bij autisme

Chronische overprikkeling

Tot zover de acute overprikkeling. Dan is er de chronische overprikkeling. Hoewel chronisch niet het juiste woord is, ik denk dat het wel goed het verschil aangeeft. De driftbuien en huilbuien hebben een directe aanleiding. De hoofdpijn heeft dat veel minder.

Soms is er een directe aanleiding. Zoals een vergadering met 20 mensen. Dan weet ik dat ik hoofdpijn heb. Of wanneer ik een lang stuk heb gereisd (meer dan 2 uur op een dag ongeveer), dan weet ik dat ik hoofdpijn krijg. Vooral wanneer ik in mijn vruchtbare periode (en dus prikkelgevoeliger) ben. Maar meestal is het een opeenstapeling van kleinere gebeurtenissen, te weinig rust, te weinig tijd/ruimte voor mezelf, te weinig mijn eigen dingen kunnen doen, teveel stress, teveel veranderingen, onmerkbaar, misschien de omslag van het weer. Teveel koffie. Te weinig fruit. Dat alles bij elkaar.

Het eerste wat ik dan moet doen is pijnstillers nemen, en een warme douche (ik reageer sterk positief op warmte) en in het pikkedonker met oordoppen in alle rust op bed gaan liggen en bijslapen.

Vaak blijft de hoofdpijn een paar dagen aan. Dan moet ik rustig aan doen, maar niet niets. Vooral het normale ritme volgen, werken, gezin, daarnaast zo min mogelijk afspraken plannen, koptelefoon indoen overdag, zo min mogelijk aan indrukken bloot staan, dus eventueel een vergadering laten schieten of een klusje doen dat ook belangrijk is, en mij makkelijk af gaat, dat geen energie van zichzelf kost, of waar ik zelfs energie van krijg (van sommige werkzaamheden, bijvoorbeeld het maken van berekeningen, krijg ik energie).

Dit jaar had ik me voorgenomen om verspreid over het jaar meer dagen vrij te nemen. En dat werkt goed. Dat voorkomt dat overprikkeling zich teveel opbouwt. Hoewel ik gisteren redelijk overprikkeld was, op een vakantie-dag. Ik moet de kinderen meer zelf op pad sturen en meer mijn eigen rust pakken.

Een meltdown is een signaal

Een boodschap van mijn lichaam aan mij, dat ik te ver ben gegaan. Dat ik alle andere signalen heb gemist. Hoe beter ik de andere signalen leer herkennen en serieus neem, hoe minder ik last heb van meltdowns. En hoe meer energie ik heb om veel dingen te kunnen. Op dit moment kan ik meer, doe ik meer, dan 2 jaar geleden, en heb ik minder meltdowns.

Het is niet dat ik meer energie heb. Ik vroeg dit aan mijn partner: heb ik meer energie? En hij zei: nee, maar je hebt er vrede mee dat je soms weinig of geen energie hebt. Je kan het loslaten, en raakt er niet door gestresst.
http://i2.wp.com/www.nature.com/scientificamerican/journal/v306/n4/images/scientificamerican0412-48-I5.jpg?w=840

In de categorie ‘Zintuigelijke waarneming’:

Zintuigelijke waarneming

Zintuigelijke waarneming

overprikkeling bij autisme

Storende geluiden

meltdown bij autisme

Meltdowns

Overprikkeling

Overprikkeling – weten wat je voelt schema

sensorische overprikkeling

Sensorische overprikkeling – liever doseren dan elimineren

prikkels en informatieverwerking

prikkels en informatieverwerking

autisme risicomanagement

autisme risicomanagement

Filed under: