Archief

studeren met autisme

Studeren met autisme

Studeren is voor velen een uitdaging.

Voor mensen met een autismespectrumstoornis kan studeren nog extra moeilijkheden geven. Maar het heeft zeker ook leuke kanten; uitgebreid mogen lezen en leren over een (semi-)zelfgekozen onderwerp kan voor sommige autisten juist heerlijk zijn.

Deze bijdrage is geschreven door Mandy, een studente met autisme. Wil jij ook een inhoudelijke bijdrage leveren? Mail info@succesvolautisme.eu

Studeren met autisme, of zonder autisme, bestaat uit verschillende fases, en het kan zinvol zijn om echt naar het moment te kijken en dus niet teveel te piekeren over wat er daarna nog gaat komen.

Het kiezen van een studie

De eerste fase bestaat uit het kiezen van een studie. Voor iedereen is het natuurlijk belangrijk om een studie te kiezen die bij je past. Maar als je autisme hebt zijn er nog extra factoren om naar te kijken. Zit je bij een studie vast aan een vast traject? Moet je verplicht een X-aantal studiepunten halen in het eerste jaar om ‘over’ te mogen? Is het een grote opleiding met massale colleges? Dit zijn allemaal vragen die extra belangrijk zijn als het voor jou nodig is om een eigen traject te volgen waarbij je niet alle vakken tegelijk hoeft te doen, of wanneer je slecht tegen menigten kan. Ga in deze eerste fase vooral eens langs de studieadviseur, hier kun je vaak al een afspraak maken voordat je überhaupt een universiteit of studie gekozen hebt.

De bachelor-fase

De tweede fase is het studeren zelf. Of je nou voor een populaire en dus vaak massale studie kiest of een opleiding hebt gekozen die wat minder druk bezocht wordt, hoorcolleges zijn er altijd. Voor studenten met autisme kunnen deze hoorcolleges lastig te volgen zijn door eventuele concentratieproblemen en door het aantal medestudenten in de zaal. Daarnaast zijn er de werkcolleges, deze zijn vaak in een kleiner groepsverband, maar het contact met de andere studenten is daardoor wel belangrijker. Enkele tips om prettig naar en door je colleges te komen:

  • Als je overgevoelig bent voor geluid en/of licht, zorg er dan voor dat je onderweg naar het college oordoppen en/of een zonnebril draagt. Vaak moet je je een weg banen door vele andere studenten om bij de juiste zaal te komen, door hier op tijd op in te spelen kom je niet overprikkeld aan bij het college.
  • Kies een vaste plek uit in de zaal, op een plek waar jij je prettig voelt. Dat kan helemaal voorin zijn (mijn persoonlijke keuze), waar je niemand voor je hebt en je de docent goed kunt zien. Aan de zijkant of achterin kan ook een goede keuze zijn, al kan het achterin soms wel wat rumoerig zijn. Middenin de zaal zal voor velen met autisme een te drukke plek zijn, maar bedenk vooral wat jij wel en niet prettig vindt.
  • Zorg dat je de docenten leert kennen. Stel vragen als je iets niet begrijpt en maak in de pauze of op een ander moment eens een praatje met de docent. Als je het maken van praatjes moeilijk vindt is het misschien makkelijker om je hierbij te focussen op de stof van dat college. Mocht je nu of in de nabije toekomst tegen een probleem aanlopen met je studie, dan kun je dit makkelijker bespreken met deze docent.
  • Als je het in de werkcolleges lastig vindt om in de groep wat bij te dragen, bespreek dit dan ook met je docent. Als deze weet waardoor het komt (dat kan zijn in verband met je autisme, maar je kunt ook het probleem omschrijven zonder je diagnose te noemen als je dat prettiger vindt), zal hij/zij het beter kunnen plaatsen en niet denken dat je je niet goed inzet.
  • Blijf contact houden met de studieadviseur. Mocht je vertraging oplopen door je autisme dan kun je vaak een financiële compensatie hiervoor aanvragen. Daarvoor is het vaak wel nodig dat je kunt bewijzen regelmatig contact te hebben gehad met de studieadviseur. Naast deze financiële reden kan de studieadviseur je natuurlijk ook erg goed helpen met, nou, advies.
  • Laat een onderwijscontract opstellen dat bij jou past. Ook hiervoor moet je bij de studieadviseur zijn. Denk hierbij aan het gebruik van een laptop tijdens colleges en tentamens, de gelegenheid om je tentamens in een niet-massale of individuele ruimte te mogen maken, toestemming om noise-cancelling headphones te mogen gebruiken tijdens een tentamen, extra tijd, etc. Er is vaak veel mogelijk op een universiteit, mits je het maar op tijd bespreekt.
  • Onderschat de hulp van medestudenten niet. Blijkt het voor jou (soms of altijd) onhaalbaar om een druk hoorcollege te volgen? Zorg dan dat je aantekeningen van een medestudent kan krijgen. Is een opdracht onduidelijk geformuleerd? Vraag een medestudent om verheldering. Mocht dit niet voldoende zijn, neem dan contact op met je docent.

Werken of master?

Na de drukke fase van je bachelor kun je ervoor kiezen om te gaan werken, of om een master te gaan volgen. Hier is vaak meer ruimte voor persoonlijk contact omdat er minder studenten zijn, maar aan de andere kant wordt er ook verwacht dat je steeds zelfstandiger kunt werken. Hierbij is het heel belangrijk om alles goed te plannen. Als je hier moeite mee hebt kun je een medestudent, een docent of de studieadviseur vragen om je te helpen.

Soms biedt de universiteit de hulp die jij nodig hebt niet aan. Soms hebben ze vooraf mooie praatjes, maar komt er uiteindelijk niets van terecht. Daarom is het nuttig om meer mensen in je netwerk te hebben die jou wanneer nodig kunnen helpen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan vrienden, je ouders, een broer of zus, een medestudent, je behandelaar of je begeleider.

Voor mij is mijn studententijd echt met ups en downs verlopen. De bachelor was druk en de overgang naar de universiteit was groot. Contact met medestudenten vond ik erg lastig, en anderen om hulp vragen al helemaal. In mijn eerste jaar heb ik daarom ook slechts 5 vakken (in plaats van de gangbare 8 vakken) gevolgd en afgerond. Vandaar ook mijn eerste tip om echt naar het moment te kijken en niet teveel te piekeren over wat nog komen gaat. Check of je je goed voelt bij wat je doet, en doe niet meer dan je aankunt. Als je op je eigen tempo een opleiding kunt doorlopen, dan is daar niets mis mee. Belangrijk is om je hierbij niet te vergelijken met anderen met of zonder een autismespectrumstoornis. Uiteindelijk gaat het erom dat jij zoveel mogelijk kennis en vaardigheden leert.

Meer lezen en weten over dit onderwerp:

Uitgebreide informatie over studeren met autisme is te vinden op de site van de NVA:

NVA studeren met autisme

Op de site van Handicap + studie:

studeren met autisme

De meeste universiteiten en hogescholen hebben informatie over studeren met autisme, bijvoorbeeld:

Universiteit Leiden studeren met autisme

rugr_logonl_rood_rgb

HvA studeren met autisme

collega met autisme

Werkrelaties – collega’s

Werken met collega’s, samen kunnen we alles

Uit mijn werk haal ik veel voldoening, iets met cijfertjes analyseren, helemaal mijn ding. Daarnaast heb ik in mijn werk contact met mensen. Die afwisseling maakt het soms lastig, soms luchtig.

Wat ik heel leuk vind om te doen is verandermanagement/proces verbeteringen. Vooral op het snijvlak van enerzijds “empowering”, kennisverbetering (de menskant) en anderzijds het optimaliseren van de processen zelf, het inbedden en uniformeren (de systeemkant). Dit doe ik naast mijn reguliere werkzaamheden.

Ik heb iemand nodig die in andere dingen goed is dan ik

Mijn tekortkoming is dat ik het niet alleen kan doen. Ik heb iemand nodig die de vliegen voor me afvangt. Die weet hoe mensen zich ten opzichte van elkaar verhouden, die weet hoe de politieke lijntjes lopen. Die weet wat je wanneer en vooral niet moet zeggen. Die de soms simpelste en meest voor de hand liggende dingen weet, die mij om de één of andere bizarre reden volledig ontgaan.

Wat ik wel en niet kan ligt daardoor mijlenver uit elkaar. Een groep in beweging krijgen, een analyse maken, nieuwe ideeën op tafel krijgen, deze (al dan niet met een groep) structureren en tot een visie/plan maken, inclusief een plan van aanpak en een communicatieplan, dat kan ik. Dat is op basis van patroonherkenning en daar draai ik mijn hand niet voor om.

Wat ik wel en niet kan ligt mijlenver uit elkaar

Weten wat je wel en niet kan zeggen, weten wanneer iemand is uitgesproken, op het moment zelf aanvoelen wat iemand wil, of wat iemand leuk vindt, hoe de hiërarchische vork in de steel zit, dat kan ik allemaal niet. En zonder deze vaardigheden kom je niet tot de eerste set vaardigheden (waar ik gek genoeg heel goed in ben). Want mijn Theory of Mind, die is niet zo denderend ontwikkeld. In de praktijk moet ik daarom altijd SAMEN werken met mensen met aanvullende kwaliteiten, om op mijn top te kunnen presteren.

In mijn huidige functie heb ik geen contact met klanten. Vroeger had ik dat wel, op zich ging het me nog redelijk af, maar het is niet een vaardigheid waar echt mijn kracht ligt. Daarentegen kan ik heel doortastend en precies schrijven, maar ik ben soms te bot. Als tussenoplossing schrijf ik nu regelmatig concept teksten/mails, die ik aan collega’s stuur (die heel blij zijn met mijn teksten en verwoordingen), zij controleren de tekst op vriendelijkheid, en zij versturen deze tekst, et voìla, perfecte autisme/NT-samenwerking.

collega met autisme
Autistische collega op de werkvloer. Analytisch sterk, maar beperkter in het maken van contact

Vanuit je kwaliteiten

Samenwerken vanuit ieders kwaliteiten

Samen werken is de werksituatie bekijken vanuit je kwaliteiten: jij kan dingen heel goed waar je collega meer moeite voor moet doen, en zij/hij kan andere dingen goed, die niet echt jouw ding zijn. Prima team toch? Je kan niet alles zelf (perfect) doen. Toen ik dit met enige verbazing, kort na mijn diagnose, over de kamer riep, moesten mijn collega’s lachen.

Niet alles kunnen is geen falen

“Dat weten wij allang”, zei er eentje, “maar door jouw autisme zie je dat niet, dat anderen ook niet alles kunnen.”
Ze had gelijk. Het is geen falen als je niet alles kan. Het is menselijk. En je wordt gewaardeerd om wat je wel kan.

bedrijfsarts

Werkrelaties – de bedrijfsarts

Vroeg of laat komt de bedrijfsarts in beeld.

Meestal omdat één van de veelvoorkomende comorbiditeiten opspeelt. Bijvoorbeeld een depressie of een burn-out.

Belangrijk in de beleving van de relatie met de bedrijfsarts is volgens mij bij wie het initiatief ligt, wie de controle heeft. Of je helder voor ogen hebt wat je belang is en of je het gevoel hebt dat de ander er is om jou te helpen.

Zelf heb ik goede ervaringen met de bedrijfsarts. Hoewel er geen directe aanleiding toe was, had ik de bedrijfsarts gevraagd hoe ik mijn diagnose vorm kan geven in mijn werksituatie. Met name hoe ik mijn energieniveau op kan krikken en hoe ik een eventuele toekomstige burn-out kan voorkomen, dat waren mijn hulpvragen.

Zorg dat je je hulpvraag duidelijk hebt, en dat het initiatief bij jou ligt

Het zal niet voor iedereen zo zijn, voor mij is het makkelijker wanneer ik er belang bij heb, de initiatiefnemer ben en mijn hulpvragen duidelijk heb. Op advies van de bedrijfsarts heb ik mijn baan meer aangepast aan mij. Dat is minder radicaal dan een nieuwe baan, en ik vind mijn werk erg leuk. Hoewel ik altijd moe was (ben), dat hoort blijkbaar bij mij. Er zijn daarvoor goede oplossingen mogelijk (minder uren, alle schoolvakantie vrij nemen, deel vanuit huis werken, andere portefeuille, etc. ).

Door mijn werkgever ben ik in het verleden soort van gesommeerd een ziektedag te nemen omdat ik dreigde dusdanig over mijn grenzen te gaan, dat een kortdurende ziekmelding een juiste interventie was om een langere periode van afwezigheid te voorkomen. Een goede werkgever begrijpt dat.

Laat je bedrijfsarts weten hoe jij in elkaar zit, dan kan je passende hulp krijgen

De overeenkomst tussen de paar bedrijfsartsen die ik heb bezocht in de afgelopen vijfentwintig jaar was dat ze allemaal hard op de rem hebben getrapt, omdat ik bij veranderingen in mijn privé-omstandigheden mij als een bezetene op het werk stortte. Bij een overlijden, verhuizing, of andere stress ga ik harder werken. Daarom ben ik preventief naar de bedrijfsarts gestuurd, en toen had ik nog geen diagnose.

Als je een burn-out hebt (gehad) is de rek er uit, dan ben je verder van huis. Ik prijs mij daarom gelukkig met leidinggevenden en bedrijfsartsen die er altijd voor hebben gezorgd dat mij dit tot nog toe niet is overkomen.

beroepen autisme arbeidsmarkt

Autisme beroepen

Waarom kiezen autisten voor een beroep?

Of een studie? Welke rol spelen vaardigheden hierin? En de kwaliteiten die iemand heeft? En de normen en waarden? En hoe makkelijk je aan een baan komt? Of hoeveel geld ermee te verdienen is? Wat zijn geschikte autisme beroepen?

Autisme wordt over het algemeen gekenmerkt door problemen in de communicatie en overgevoeligheid voor van alles. Aan de andere kant is intrinsieke motivatie kenmerkend, waardoor de beschikbaarheid van banen en het salaris misschien minder doorslaggevend zijn in de beroepskeuze.

Verwachtingen bepalen je kans van slagen

In welke beroepen zit een creatieve component, naast gestructureerde taken en bezigheden? Hoeveel behoefte heb je aan afwisseling? Wat zijn je verwachtingen? Te hoge of te lage verwachtingen of verkeerde verwachtingen kunnen de kans van slagen in een baan de das om doen. En door een gebrekkige ToM kan het lastig zijn om een goed beeld te hebben van een toekomstige baan. Kan je vantevoren stage lopen? Ken je mensen met dit beroep, met wie je een dag mee mag lopen? Waar lopen anderen tegenaan?

Heb je voor jezelf duidelijk waar een baan of studie of stage aan moet voldoen? En wat is volgens jou een auti-vriendelijke baan? Dat sommigen het in de praktijk misschien kunnen, betekent niet dat je het theoretisch moet willen. Zorg dat je weet hoe je bent. En wees wie je bent !

Beroep beroepen autsime
Voor een heldere uitleg over welke beroepen geschikt zijn voor mensen met autisme, een artikel van PAS.

Volgens mij hebben de meeste mensen grote dromen als ze klein zijn: piloot, dierenarts, profvoetballer. Of archeoloog. Voor de meeste mensen geldt: je dromen laat je los en dan kies je iets meer realistisch en breng je met goed geluk af en toe een bezoek aan de plaatsen van je dromen.

Laat je dromen los en volg je passie

En dan: binnen elke beroepsgroep heb je de meer en minder auti-vriendelijke variant. Wanneer je zou kiezen voor een para-medisch beroep, maakt het nogal uit of je tandtechnicus bent, of ambulance verpleegkundige. In het laatste geval wordt er een groot beroep gedaan op de kwaliteiten “werken met mensen” en “hulpverlener”, precies die kwaliteiten die we soms denken te hebben, maar waar anderen het niet mee eens zijn.

Als je keuze hebt, zou ik je aanraden om voor de meer technische kant van je beroep te kiezen. Want daarin zijn we, over het algemeen, juist weer beter dan we zelf denken. Hoewel het best kan zijn dat jij iemand met autisme bent die wel vooral geschikt is voor de mensen-kant. Je zal echt niet de eerste autist zijn die voor de klas staat, of arts is, of verpleegkundige.

 

Met autisme kan je van alles worden. Om een paar voorbeelden te geven, hieronder een lijst van mensen die open zijn over hun autisme. Geen grote namen (althans, de meeste niet), om te laten zien dat alles mogelijk is. Het belangrijkste is dat je uiteindelijk in een beroep terecht komt dat bij je past:

Temple Grandin Hoogleraar zoölogie, Psycholoog en Schrijfster
Emran Mian Jurist, Politiek adviseur en Schrijver
Jose Spruyt Econoom, Controller
Leander Westerbeek van Eerten Adviseur, Trainer
Anouschka Schutte Vertaler Engels/Spaans-Nederlands
Jan Groenhof Veiligheidsexpert
Loek Test engineer
Maurice vd Goor Verkoper, Kassier
Diederik Weve Ingenieur
Simon ICT-er
Pieter R&D engineer materialen
Carlo Post Programmeur
Marieke Docent Techniek aan het HBO
Jaap Brand Biostatisticus
Kees Momma Archivaris
Roy Interne webwinkel Politie Haaglanden
Barbara de Leeuw Pedagoog, Coach
Annemiek Koster Wetenschapper (te beluisteren )
Sjoerd Klerk Fietskoerier
Paula Spel- en meubelmaaktster
Rinke Facilitair medewerker

Portretten van mensen met autisme en hun beroepen:

 

tijd structureren

Tijd structureren

-under construction –

Keuzes, keuzes, keuzes…

Time-management gaat over keuzes maken. Over mensen die te pas en te onpas je kamer binnen lopen, terwijl je net een rapport aan het maken bent, over bulken mails, overload aan meetings, en alle andere zaken die je tijd opslurpen voordat je ze wel kan besteden.

Punt is dat ik hier heel veel last van heb. Maar niet zichtbaar. Bij tijd en wijlen heb ik een te grote sociale overprikkeling (meeting, enz.), auditieve overprikkeling (sky radio de hele dag aan, terwijl anderen erdoor praten/bellen) en visuele overprikkeling (de inrichting van onze kamer). Wanneer ik dan ook nog die éne persoon met dat afgrijselijke parfum tegen kom, stroomt mijn emmer over. Ik had dit wel eens gemeld bij mijn leidinggevende, maar er gebeurde weinig.  Niet uit onwil. Eerder uit onwetendheid. Aan mij zie je niet dat de nood hoog is. En veranderen, of aanpassen wil mijn leidinggevende best, maar wat moet er dan veranderd of aangepast worden? En ja, ook omdat dat moeite kost, van iedereen. Ik voel mij bezwaard naar anderen om hulp te vragen, doe me liever sterk voor, en dan hebben anderen niet de indruk dat ik te zeer onder een situatie lijd. Tot ik de tip kreeg om iemand binnen de organisatie erbij te betrekken in mijn vraag om verandering. Ik heb toen gelijk de daad bij het woord gevoegd en deze persoon gemaild met de vraag hoe ik kom tot een betere inrichting van mijn werkzaamheden. En toen dacht ik: wat loop ik te zemelen! Maar hij stelde voor om gelijk een afspraak in te plannen. Daar was ik daar blij mee, er moest iets veranderen, en ik kreeg dat zelf niet voor elkaar. Wat vreemd over kan komen, omdat ik andere veranderingen binnen de organisatie juist wel voor elkaar krijg. Maar ook dan ben ik zo kwetsbaar. En om één of andere reden valt dat kwartje niet, hoe kwetsbaar ik ben.  Misschien juist omdat in onze maatschappij het een kracht is om je eigen kwetsbaarheid te voelen.

“What is important is seldom urgent and what is urgent is seldom important” – Dwight D. Eisenhower

Tijd structureren: naar een aangepaste agenda

  1. Covey’s kwadrant: activiteiten indelen naar urgentie en belang
  2. Aandachtsspanne en het kanaliseren van informatie-toevoer (selecteren aan de bron)
  3. Inzicht in energiegevende en energievretende taken
  4. Overzicht maken van je energieniveau over de dag en de week

1. Covey’s kwadrant: Urgent is niet belangrijk

Tijd structureren en prioriteren

Generaal Eisenhouwer ontwikkelde een matrix waarin taken gegroepeerd konden worden op basis van urgentie (hoe snel iets moet gebeuren) en belang (hoe belangrijk iets is). Dit idee is later verder uitgewerkt door Covey en het bovenstaande plaatje geeft eigenlijk aan wat welk kwadrant inhoudt:

Covey’s kwadrant:
 Bij autisme:
  1. Urgent en belangrijk zijn zaken die nu moeten gebeuren, zoals deadlines, rapportages die NU geleverd moeten worden, een crisis die moet worden beslecht.
Sommige mensen met autisme zijn deadline-werkers. Daar ben ik er een van. De meesten echter klappen dicht wanneer ze met een strakke deadline te maken krijgen. Daarom is het voor de meeste mensen met autisme verstandig om zo min mogelijk in dit kwadrant te zitten.
  1. Niet urgent en wel belangrijk zijn zaken die belangrijk zijn in je werk, die te maken hebben met het bereiken van je eigen doelen.
Dit is het beste kwadrant om je in te bevinden: je doet je werk, wat van je gevraagd wordt, je doet de dingen die belangrijk zijn voor je job en voor je persoonlijke doelen. Je bent pro-actief, plant, en krijgt gedaan wat er moet gebeuren.
  1. Urgent en niet-belangrijk zijn alle dingen die je afleiden van je werk, zoals sommige telefoontjes, emailtjes tussendoor, mensen die komen binnen lopen en NU dingen van je eisen die eigenlijk niet jouw taak zijn, onbelangrijke vergaderingen. Eigenlijk alles wat je niet helpt om je werk goed te doen of je doelen te bereiken.
En hier gaat het echt mis: dit zijn alle kleine dingen tussendoor die je van je werk af houden:

1. mensen met autisme kunnen moeilijk schakelen, het overgaan van de ene activiteit in de andere activiteit kost veel energie

2. Mensen met autisme zijn vaak minder handig in de sociale communicatie, waardoor ze minder makkelijk ‘nee’ zeggen tegen collega’s die ‘urgente’ dingen vragen Dit kwadrant zou door iedereen met autism gemeden moeten worden.

  1. Niet urgent en niet-belangrijk zijn alle dingen die je afleiden, zoals dagdromen, zaken die je bezig houden, maar waar je niets aan hebt (bijvoorbeeld sommige fieps)
Mensen met autisme zijn geneigd om te blijven ‘hangen’ in details, in informatie die voor anderen weinig ter zake doet. Daarnaast hebben we de neiging om in een onderwerp te duiken wanneer het ons boeit, wanneer we er door gegrepen worden.Deze twee zaken maken dat de kans groot is dat we ergens gedurende de dag worden afgeleid van onze werkzaamheden. Wat kan helpen is:

1. zorgen dat de dingen die ons afleiden onze werkzaamheden verrijken (bijvoorbeeld ‘kies’ ik op mijn werk mijn fieps zo uit, dat ze een bijdrage leveren aan mijzelf en aan mijn team)

2. bewust tijd inplannen om ons te verliezen in details die eigenlijk niet ter zake doen, en daar tevens een tijdlimiet aan verbinden. Zo blijven de “niet-urgente en niet-belangrijke” zaken binnen de perken.

Veel autisme-coaches pleiten ervoor om mensen met autisme alleen werkzaamheden aan te bieden, die zich in het tweede kwadrant bevinden. Van tevoren uitgekozen werkzaamheden, die netjes gepland zijn, en keurig achter elkaar kunnen worden gedaan. Een inrichting van de werkzaamheden waarbij niet zelf gepland hoeft te worden, waarbij niet zelf de prioriteiten hoeven te worden gesteld.

Voor sommige mensen met autisme is dit waarschijnlijk een uitkomst. Zelf moet ik er niet aan denken. Ik houd van pro-actief werken, van prioriteiten stellen, van bedenken hoe mijn werk efficienter kan worden ingericht. Ik houd van time-management. Het is belangrijk om hierin de keuzes te maken die bij je passen, ongeacht of en welke diagnose je hebt.

Verder lezen over hoe je kan prioriteren: op carrieretijger.nl staat onder andere de volgende tekst:

En nu, aan de slag! De prioriteitenmatrix is dus een handig hulpmiddel voor het stellen van de juiste prioriteiten. Hoe werkt het nu in de praktijk?

1. Maak elke dag of elke week een overzicht met alle werkzaamheden die je moet doen.

2. Stel jezelf bij elke taak twee vragen: Is het belangrijk? En: is het urgent? Plaats de taak vervolgens in het bijbehorende kwadrant.

3. Maak een planning voor je werkzaamheden. Hierbij geldt: taken met de hoogste prioriteit (belangrijk én urgent) gaan voor andere taken. Daarna komen de taken die belangrijk zijn, maar niet urgent. Probeer taken die urgent zijn, maar niet belangrijk over te dragen aan anderen. Doet zich een calamiteit voor, dan moet je de planning gedurende de dag herzien. Denk wel goed na voordat je in actie komt. Vraag jezelf af hoe belangrijk en urgent de taak nou écht is. Wil je er überhaupt tijd aan besteden? Zo ja, welke werkzaamheden blijven dan liggen? Kun je de taak delegeren? Of is er een andere oplossing denkbaar? Word je in je werk veel geconfronteerd met adhocvragen, houd daar dan rekening mee in je planning. Plan de dag niet helemaal vol.

4. Werk de klussen een voor een af en probeer niet vier dingen tegelijk te doen. Vooral als je het druk hebt, is dit van belang, ook al zal je neiging zijn juist dan alles tegelijk te willen doen. Maar dat vergroot de stress en de chaos alleen maar.

Real distractions at work: M&M’s (managers & meetings)

Spanningsboog

Door onderbrekingen kom je moeilijk in de lange spanningsboog of de hoge mentale aandacht, altijd direct alles lezen

DSDensity InterruptedDSDensity ShiftingInformatie doseren

Filteren signalen van buiten: selecteren aan de bron Reserveer tijd waarin je jezelf kan buitensluiten (met een citaat van Erasmus over de wereld buiten sluiten). Bronnen van informatie: email, telefoons, vergaderingen, binnenlopende projectleiders, collega’s, emotionele prikkels, de ruimte waarin we werken, etcetera. Welke filters kunnen helpen? Ad 4: Lean management versus Theory of constraints: zoek de bottleneck en pas daar het proces op aan Ad 5 en 6: Welke dingen ga je doen? Bijvoorbeeld email herinrichten/inbox leeg maken, werkweek anders inplannen, etcetera. Tip: http://www.nuzakelijk.nl/column/3607287/productiviteitstips-doen-achilleshiel-van-alle-goede-voornemens.html

Plus plan van aanpak!!!